|
Van Eeckhout liegt bevolking en gemeenteraad voor over uitbreiding industrieterrein
Schepen moet zijn conclusies trekken
08.07.2005 • Het Vlaams Belang is tevreden dat het stadsbestuur definitief lijkt af te zien van de uitbreiding van het bedrijventerrein tussen spoorweg en Okegembaan. In het kader van de afbakening van het kleinstedelijk gebied door de provincie werd een aantal zones in kaart gebracht die in aanmerking komen voor de aanleg van bijkomende bedrijventerreinen. De voorkeur van de provincie gaat uit naar de locatie aan de N45 (expresweg Ninove-Aalst) aan de overzijde van Den Doorn, door het Vlaams Belang van in den beginne als alternatief naar voren geschoven.
Tegelijk is het Vlaams Belang evenwel verbijsterd dat schepen van Ruimtelijke Ordening Freddy Van Eeckhout het blijft voorstellen alsof het stadsbestuur de komst van bedrijven tussen de Okegembaan en de bestaande bedrijvenzone ‘niet zag zitten’, en dat de schepen blijft volhouden dat de provincie erop aandrong dat de uitbreiding daar zou komen. Dat de provincie ooit zijn ‘veto’ zou gesteld hebben tegen de inplanting van een bedrijvenzone langs de N45, staat haaks op de waarheid.
Uit het antwoord op een vraag van Vlaams Belang-fractieleider Werner Somers aan de provinciale administratie blijkt dat Van Eeckhout de gemeenteraad en de buurtbewoners voorgelogen heeft:
“In het in bijlage gevoegde advies van de provincie in het kader van het structureel overleg te Brussel op 12 september 2003 kunt u lezen dat er vanuit de provincie geen opmerkingen waren met betrekking tot de locatie van een nieuw bedrijventerrein. In het verslag van de plenaire vergadering van 29 juni 2004 kunt u zien dat het probleem van de Okegembaan uitvoerig besproken werd, en dat de provincie ook dan geen voorkeur uitsprak over de locatie van nieuwe bedrijventerreinen, maar dat ze verwees naar het afbakeningsproces van het kleinstedelijk gebied. Dat proces is kort nadien opgestart.”
De provincie beklemtoont verder dat de afbakening van het kleinstedelijk gebied de vrucht zal zijn van de samenwerking tussen provincie, gemeente en gewest. Pas op 29 oktober 2004 ontving het schepencollege van de provincie overigens een schrijven m.b.t. een ‘eerste overlegvergadering’ over de afbakening van het kleinstedelijk gebied Ninove, terwijl Van Eeckhout reeds op de gemeenteraadszitting van september 2004 beweerde dat de zone langs de N45 niet in aanmerking kwam omdat … ze buiten het kleinstedelijk gebied viel!
Uit onderstaand overzicht blijkt dat het stadsbestuur al jaren voorstander was van de inplanting van een bedrijventerrein achter de Okegembaan en dat het idee niet van de provincie, maar van het stadsbestuur zelf komt:
- De deelstudie ‘Bedrijvigheid’ in het kader van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan (18 september 2000) bevat op blz. 36 de volgende passage: “De open plek ten noorden van de spoorlijn is geschikt voor het grootste deel van de taakstelling inzake bijkomende bedrijventerreinen”.
- Op p. 37 van dezelfde deelstudie lezen we het volgende: “De KMO-zone aan de noordelijke zijde van het spoor is de basis voor een gefaseerd aan te leggen regionaal bedrijventerrein. De inrichting van dit gebied wordt bepaald door de vestiging van grootschalige ondernemingen.”
- De deelstudie ‘Bedrijvigheid’ bevat een inrichtingschets voor een nieuw bedrijventerrein ten noorden van de spoorweg.
- In het voorontwerp van gemeentelijk ruimtelijk structuurplan (versie van 3 december 2003) wordt aan de provincie een afbakening van het kleinstedelijk gebied voorgesteld waardoor de zone langs de N45 buiten en de zone tussen de Okegembaan en het spoor binnen het kleinstedelijk gebied valt (kaart 32). Daardoor wordt een uitbreiding van de bedrijvenzone langs de N45 onmogelijk.
- Op blz. 157 van het voorontwerp van structuurplan lezen we het volgende: “Er wordt een uitbreidingszone voorzien tussen Okegembaan en de spoorweg. De KMO-zone aan de noordelijke zijde van het spoor is de basis voor een gefaseerd aan te leggen regionaal bedrijventerrein. De inrichting van dit gebied wordt bepaald door de vestiging van grootschalige ondernemingen.”
- Nog duidelijker is de volgende passage op blz. 159: “De gemeente stelt aan de provincie Oost-Vlaanderen voor om het gebied tussen spoorlijn en Okegembaan als regionaal bedrijventerrein te herbestemmen in het kader van het afbakeningsproces voor het kleinstedelijk gebied.”
- Pas op de plenaire vergadering van 29 juni 2004 over het voorontwerp van structuurplan geeft het schepencollege – in tegenspraak met haar eigen voorontwerp – de voorkeur aan de locatie langs de N45 boven een uitbreiding in de richting van de Okegembaan.
Voor het Vlaams Belang is het onaanvaardbaar dat een schepen de bevolking en de gemeenteraad gewoonweg iets op de mouw tracht te spelden. Vlaams Belang-fractieleider Werner Somers zal de schepen tijdens de gemeenteraadszitting van september over deze kwestie interpelleren en vragen dat Van Eeckhout zijn conclusies trekt.
|