Initiatieven
Tussenkomst concessie levering dranken trefcentrum De Linde
Gemeenteraad
23 maart 2006
De vraag is of het hier wel gaat om een domeinconcessie, dan wel om een overheidsopdracht tot aanneming van een levering, in dit geval van dranken, zij het dat die opdracht zich over meerdere jaren uitstrekt. Artikel 5 van de wet van 24 december 1993 inzake de overheidsopdrachten definieert een overheidsopdracht voor aanneming van leveringen als volgt: de overeenkomst onder bezwarende titel gesloten tussen een leverancier enerzijds en een aanbestedende overheid anderzijds, en die betrekking heeft op de verwerving door koop- of aannemingsovereenkomst, huur, huurkoop of leasing met of zonder aankoopoptie van produkten. Aan deze definitie lijkt mij in dit geval te zijn voldaan. De wetgeving inzake de overheidsopdrachten moet dan ook gerespecteerd worden.
Een domeinconcessie is een administratieve overeenkomst waarbij de overheid voor een bepaalde tijd en mits betaling van een vergoeding aan een particulier een exclusief gebruiksrecht toekent met betrekking tot een bepaald gedeelte van het openbaar domein. Een voorbeeld van een domeinconcessie is het recht om op een marktplein een frituur uit te baten of om een buffet in een station van de NMBS of een cafetaria in een rusthuis van het OCMW of in een cultureel centrum uit te baten. De domeinconcessie lijkt oppervlakkig beschouwd op een huurcontract. Een belangrijk verschil is hierin gelegen dat de concessie steeds om redenen aan het algemeen belang ontleend eenzijdig door de overheid kan herroepen worden, terwijl op de verhuring van goederen door de overheid de gewone regels van het Burgerlijk Wetboek van toepassing zijn. De concessie is slechts een precair gebruiksrecht.
Een loutere levering van dranken die niet gepaard gaat met bijvoorbeeld de exploitatie van een cafetaria, vormt geen concessie, maar een overheidsopdracht waarop de bepalingen van de wet van 24 december 1993 onverkort van toepassing zijn. Dat staat met zoveel woorden te lezen op de webstek van de administratie Binnenlandse Aangelegenheden van de Vlaamse Gemeenschap. Men kan van dezelfde webstek overigens een modelbesluit afhalen inzake het verlenen van een concessie, waarvan artikel 1 luidt als volgt: “De terreinen/de gronden/ de infrastructuur/de cafetaria gelegen te … en kadastraal gesitueerd … met een oppervlakte van … worden in concessie gegeven.” Het is dus een bepaalde ruimte, een gebouw of een inrichting die in concessie wordt gegeven en niet bijvoorbeeld een recht om dranken te leveren. Dat laatste recht kan slechts een afgeleid recht zijn van het gebruiksrecht met betrekking tot het gedeelte van het openbaar domein dat in concessie gegeven wordt, met andere woorden in het kader van de exploitatie.
Het gaat hier niet om een louter theoretische of semantische discussie. Er zijn wel degelijk praktische consequenties verbonden aan het onderscheid tussen een overheidsopdracht en een concessie. Op een domeinconcessie is de overheidsopdrachtenwetgeving niet van toepassing. Gevolg is dat de overheid een concessie in principe onderhands kan toestaan. In geval van een overheidsopdracht is de onderhandse procedure, de onderhandelingsprocedure, een uitzondering die aan strikte voorwaarden is onderworpen. Zo kan een overheidsopdracht slecht onderhands gegund worden indien de goed te keuren uitgave zonder BTW het bedrag van 67.000 euro niet overschrijdt. Indien een overheidsopdracht ten onrechte als een concessie wordt gepresenteerd, kan dat dus tot gevolg hebben dat de beperkingen van de overheidsopdrachtenwetgeving omzeild worden. Het gaat hier over een periode van zes jaar: van 1 juli 2006 tot en met 30 juni 2012. Het zou dan ook interessant zijn te vernemen over welk bedrag we hier spreken. Zal dit de 67.000 euro overschrijden of niet? Is het eerste het geval, dan rijst er een probleem.
Een ander gevolg van het feit dat het recht op levering van dranken voor het Trefcentrum De Linde als een concessie wordt ingekleed, is dat de leverancier halfjaarlijks aan de Stad een exclusief leveringsrecht zal dienen te betalen. Zeker indien voor een forfaitair leveringsrecht wordt gekozen, zal dit ongetwijfeld worden doorgerekend aan de gebruikers van De Linde, terwijl de Stad Ninove geen enkel risico loopt want in de voorwaarden van de zogenaamde concessieovereenkomst zal worden opgenomen dat de Stad in geen geval aansprakelijk kan worden gesteld wanneer de gebruikers de facturen niet betalen. De leveringen en factureringen van de dranken gebeuren via de gebruikers-organisatoren van De Linde, dus geheel buiten de Stad Ninove om.
Tenslotte heb ik ernstige bedenkingen bij het feit dat aan het college van burgemeester en schepenen het recht wordt toegekend om te kiezen tussen de offertes die haar ‘in alle opzichten de voordeligste lijkt’ en de meeste waarborgen biedt in de combinatie prijs, assortiment en kwaliteit. Hiermee kan men uiteraard alle kanten uit. De genoemde criteria bieden op zich al weinig houvast, bovendien wordt er geen onderlinge rangorde aangegeven. Men heeft niet eens gekozen voor een systeem waarbij de diverse criteria op een bepaald aantal punten worden gewaardeerd. Welk gewicht aan de diverse criteria zal worden toegekend, staat niet bij voorbaat vast. Te vrezen valt dat de voorgestelde concessievergoeding wel eens de doorslag zou kunnen geven. Het zijn met andere woorden de verenigingen die de rekening, letterlijk en figuurlijk, dreigen gepresenteerd te krijgen.
Werner Somers
Categorie: