Nieuws op www.vlaamsbelang.org

Initiatieven

Begroting 2006

Gemeenteraad
15 december 2005

Geachte collega’s, geachte heer burgemeester en schepenen,

Totstandkoming

Eens te meer vond er geen ernstige voorafgaande bespreking van de begroting plaats. Hoewel de begroting 2006 betrekking heeft op een uitgavenpakket van in totaal bijna 44 miljoen euro (bijna 1,8 miljard Belgische frank), werd de begroting slechts behandeld in de gewone maandelijkse gemeenteraadscommissie voor financiën, begroting, personeel en sociale zaken, samen met nog 23 andere agendapunten. Dit is geen behoorlijke manier van werken. Overigens is dit zeker geen verwijt aan het adres van de schepen van Financiën die in de commissie zo veel mogelijk op de gestelde vragen tracht te antwoorden.

Ik zie mij dan ook genoodzaakt tot vervelens toe mijn jaarlijks pleidooi te herhalen voor een gedetailleerde voorafgaande bespreking van de begroting in verenigde commissies, in aanwezigheid van alle schepenen. Die werkwijze zou de schepenen de gelegenheid geven om tekst en uitleg te verschaffen omtrent de aspecten van de begroting die betrekking hebben op hun beleidsdomein en eventueel de krachtlijnen van hun beleid voor het komende jaar toe te lichten. Op die manier zou de begrotingsbespreking een aanzienlijke meerwaarde krijgen.

Helaas moet vastgesteld worden dat het schepencollege wat dat betreft zijn beloften niet nakomt. Drie jaar geleden reeds, bij de bespreking van de begroting 2003, beloofde de burgemeester dat in de toekomst zou gekozen worden voor een andere aanpak, die een grotere betrokkenheid van de gemeenteraadsleden garandeerde. Bij de opmaak van de begroting 2004 kwam daarvan echter niets in huis en hetzelfde was het geval vorig jaar bij de opmaak van de begroting 2005, ondanks het feit dat inmiddels in het reglement van inwendige orde van de gemeenteraad een artikel 34bis werd ingevoegd, dat als volgt luidt:

“Op de vergadering van elke raadscommissie ter voorbereiding van de gemeenteraad die voorafgaat aan de gemeenteraad waar de begroting wordt besproken, zullen die hoofdstukken van het ontwerp van gemeentebegroting worden besproken die tot de bevoegdheidsdomeinen van elke commissie behoren.” Ook dit jaar bleef artikel 34bis dode letter. Wat deze legislatuur betreft, zal het er dan ook niet meer van komen.

Ik wil tevens opmerken dat bij een aantal begrotingsposten elke toelichting ontbreekt. Net als de vorige jaren bevat de memorie van toelichting bijvoorbeeld geen overzicht van de ontvangsten in de buitengewone dienst. Aan de hand van het financieringsluik in het investeringsprogramma (de rechterbladzijden) kan men dit min of meer reconstrueren, maar meer transparantie zou toch wenselijk zijn. Het investeringsprogramma zelf biedt dan weer slechts een summiere omschrijving van de projecten die men wil realiseren, vooral wat openbare werken betreft, waar de investeringsuitgaven stijgen van 1.345.238 euro in de rekening 2004 over 3.489.161 euro in de begroting 2005 tot 4.136.365 euro in de begroting 2006, een stijging met meer dan 200% op twee jaar tijd. Het kan natuurlijk zijn dat de verkiezingen van volgend jaar daar voor iets tussen zitten. Ik heb de indruk dat er niet echt een meerjarenplanning inzake openbare werken bestaat, maar dat van jaar tot jaar wordt bekeken wat er zal uitgevoerd worden, wat wellicht mede de sterke schommelingen van het investeringsbudget voor openbare werken verklaart. Ook wat dat betreft, is meer transparantie wenselijk. Het investeringsprogramma verschaft geen inzicht in het waarom van de stijging van allerhande investeringsuitgaven voor openbare werken. Zo gaat het budget voor herstel van KWS-verhardingen fors de hoogte in, namelijk van 187.500 euro in de begroting 2005 tot 572.500 in de begroting 2005, een verdrievoudiging. Voor verbeteringswerken aan buurtwegen wordt voor volgend jaar 110.000 euro voorzien tegenover 30.000 euro dit jaar. Het budget voor herstel van diverse wegverhardingen wordt dan weer opgetrokken van 120.000 euro tot 302.000 euro.

Financieel meerjarig beleidsplan

Wat het financieel meerjarig beleidsplan betreft, is op Ninove van toepassing hetgeen de Vlaamse minister van Binnenlands bestuur in zijn omzendbrief van 22 juli 2005 opmerkt:

“De gemeenten werken al sedert 1990 met een meerjarig financieel beleidsplan. Veel gemeenten hanteren het beleidsplan echter onvoldoende als een echt beleidsinstrument, maar beschouwen het eerder als een extra verplichting. Ze starten met de opmaak van de begroting, waarna het meerjarenplan louter als een technische bijlage wordt opgesteld, waarin de prognoses en groeivoeten in die mate worden aangepast dat een evenwicht op langere termijn wordt verkregen.”

Ook wat dat betreft, is er niets nieuws onder de zon. Hoewel in het advies van de stedelijke begrotingscommissie gesteld wordt dat het past om het financieel meerjarenplan te gebruiken als een echt beleidsinstrument, kan moeilijk gezegd worden dat het meerjarenplan daadwerkelijk inzicht verschaft in de aard en de omvang van het voorgenomen beleid en de dienstverlening, de beoogde doelstellingen en de financiële gevolgen die aan de uitvoering verbonden zijn. Er wordt, bijvoorbeeld voor personeel of werkingskosten, op de bedragen die ingeschreven zijn in de begroting 2006 voor de daaropvolgende jaren gewoonweg een uniform stijgingspercentage toegepast van 2%. Men gaat dus uit van een ongewijzigd beleid, wat mij weinig realistisch lijkt. Evenmin is bijvoorbeeld duidelijk waarop de raming van de buitengewone uitgaven is gebaseerd die voor de dienstjaren 2007 tot en met 2009 ongewijzigd is vastgesteld op 3.250.000 euro.

Belastingen

De aanslagvoet van de aanvullende personenbelasting blijft met 7,5% ongewijzigd, net zoals de aanvullende belasting op de onroerende voorheffing, die nog steeds 1.375 opcentiemen bedraagt. Het gemiddelde voor Vlaanderen bedroeg in 2005 respectievelijk 7,16% en 1.305 opcentiemen. Vóór het aantreden van deze bestuursmeerderheid bedroeg de aanvullende personenbelasting nog 6,5% en de aanvullende onroerende voorheffing 1.125 opcentiemen. Uitgaande van de geraamde opbrengst voor 2006 van één procent personenbelasting en van één opcentiem onroerende voorheffing, betekent dit dat deze twee belastingen tijdens de huidige bestuursperiode met ongeveer 2,6 miljoen euro verhoogd werden. We zullen schepen Van Eeckhout maar niet teveel herinneren aan een niet zo ver verleden, toen hij aan de Ninoofse kiezer/belastingbetaler een verdere daling van de gemeentebelastingen in het vooruitzicht stelde. ‘Mag het iets minder zijn?’, luidde de slogan toen, maar het werd meer.

Tekort in eigen dienstjaar - schulduitgaven

De begroting 2006 sluit ondanks het hoge belastingpeil af met een fors tekort op het eigen dienstjaar in zowel de gewone als de buitengewone dienst. Zonder de overboeking vanuit de gewone dienst van 732.000 euro was de begroting op de buitengewone dienst zelfs afgesloten met een negatief algemeen begrotingsresultaat. Vergeten we ook niet dat 250.000 euro moet geput worden uit het gewoon reservefonds om de begroting in evenwicht te krijgen.

In het advies van de begrotingscommissie wordt opgemerkt dat het evenwicht op het eigen dienstjaar kan bewaard worden op voorwaarde dat de rubriek ‘schuld’ in bedwang wordt gehouden. Daaraan wordt evenwel toegevoegd dat het in bedwang houden van de rubriek schuld zal bemoeilijkt worden indien de investeringsprogramma’s van de volgende jaren dezelfde hoogte bereiken van het investeringsprogramma van 2006. De schuldevolutie verdient inderdaad de nodige aandacht. Op 31 december 2006 zal de gemeenteschuld opgelopen zijn tot 12.668.097,73 euro, een stijging met maar liefst 64% ten opzichte van de toestand op 31 december 2005. Volgens de in de begroting 2004 opgenomen tabel over de evolutie van de gemeenteschuld zou de gemeenteschuld op 31 december 2006 slechts 3.594.072,45 euro bedragen, met andere woorden 3,5 keer minder dan de huidige prognose.

Ook de werkingskosten blijven stijgen. De begroting 2006 voorziet 7.081.290 euro aan werkingskosten, 1.569.711 euro of 28% meer dan voorzien in het meerjarenplan 2004-2007. In het advies van de begrotingscommissie wordt opgemerkt dat de stijging van de werkingskosten in het algemeen de nodige aandacht vraagt en wordt daaraan toegevoegd dat met belangstelling wordt uitgekeken naar de uitslag van de rekening 2005 wat deze rubriek betreft. Met betrekking tot de werkingskosten van de algemene administratie valt de sterke stijging op van de telefoniekosten en van de beheers- en werkingskosten voor informatica. Die laatste kosten worden voor 2006 op 353.000 euro geraamd, een stijging met 109% ten opzichte van de rekening 2004. Opvallend is ook de stijging van de receptie- en representiekosten, van 58.402 euro in de rekening 2004 tot 84.665 euro in de begroting 2006 of + 45% op twee jaar tijd.

Wat die stijgende werkingskosten betreft, zou het geen slecht idee zijn om elk jaar één of meerdere diensten grondig door te lichten om te zien waar besparingen kunnen gerealiseerd worden. De Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur doet in zijn omzendbrief met begrotingsinstructies voor de gemeenten en OCMW’s overigens de aanbeveling dat de besturen de verschillende dienstverleningspakketten grondig zouden doorlichten en hun beleid waar nodig zouden bijsturen. Eventuele nieuwe beleidsmaatregelen, besparingen of nieuwe uitdagingen, aldus de minister, moeten in het beleidsplan voldoende toegelicht worden.

Ook kan onderzocht worden of er geen schaalvoordelen kunnen gerealiseerd worden door samenwerking met het OCMW in de vorm van gezamenlijke aankopen en/of gedeeld gebruik van bepaalde goederen. Het zou interessant zijn te vernemen of en in hoeverre dergelijke vormen van samenwerking op dit ogenblik in Ninove reeds bestaan.

Net als vorige jaren vraag ik mij af of bepaalde uitgaven niet overraamd zijn. Dat geldt traditioneel voor het bedrag dat ingeschreven staat voor geboortepremies, waarvan steevast slechts een derde wordt gebruikt. Hetzelfde geldt voor het krediet dat voorzien wordt voor huisvestingspremies. Tevens staat in het hoofdstuk ‘huisvesting-stedenbouw’ op de buitengewone dienst opnieuw 500.000 euro ingeschreven voor de aankoop van gronden, terwijl de uitgaven meestal slechts een fractie daarvan bedragen. 2005 vormt een uitzondering in verband met de projecten binnen het gewijzigde BPA Polderkwartier.

Buitengewone uitgaven - investeringen

Wat de buitengewone uitgaven betreft, heb ik reeds opgemerkt dat het investeringsprogramma weinig inzicht verschaft in de voorgenomen projecten. Bovendien heeft onze fractie bedenkingen bij een aantal van de op stapel staande projecten. Zo wordt er 200.000 euro voorzien voor de verbouwing van het stadsgebouw aan de Denderkaai, beter bekend als het Boothuis, tot een toeristisch kantoor. Voor de bouw van een jeugdcentrum wordt 1.900.000 euro uitgetrokken, dat is bijna een vijfde van het totale investeringsbudget. De bezwaren van onze fractie tegen beide projecten zijn voldoende bekend. Verder is het Vlaams Belang gekant tegen het feit dat er op de buitengewone dienst 10.000 euro wordt uitgetrokken voor een buitengewone projectsubsidie voor ontwikkelingssamenwerking. Hoewel dat uit het investeringsprogramma niet valt af te leiden, gaat het hier hoogst waarschijnlijk om het project inzake de drooglegging van het moeras in Rwanda, waar in 2004 reeds 20.000 euro naartoe ging.

Tenslotte valt het op dat er in de begroting 2006 niets voorzien is voor de renovatie van de Koepoort. Graag had ik vernomen wanneer men dit dossier denkt rond te krijgen. Tevens had ik enige duidelijkheid gewenst met betrekking tot de restauratie van het Oud Stadhuis.


Werner Somers
Gemeenteraadslid


Categorie:   


Wil u ook een webstek als deze voor uw afdeling, district, koepel of regio?