Initiatieven
Tussenkomst aansnijden woonuitbreidingsgebieden
Gemeenteraad
27 oktober 2005
Geachte collega’s,
Onze fractie heeft niet zozeer problemen met de stopzetting van de procedure voor de opmaak van het BPA-Outerstraat op zich, maar wel met het feit dat men in de toelichting bij het besluit vooruitloopt op het structuurplanningsproces. De beslissing om de procedure stop te zetten is immers gebaseerd op een voorlopige versie van het voorontwerp van gemeentelijk ruimtelijk structuurplan, waarover deze gemeenteraad zich nog niet heeft kunnen uitspreken. Democratisch kan men een dergelijke gang van zaken alles behalve noemen. Het is overigens de vraag of het, zoals die voorlopige versie van het structuurplan stelt, inderdaad tot 2017 niet nodig is om woonuitbreidingsgebieden aan te snijden.
Uit de toelichting bij het gemeenteraadsbesluit kunnen we afleiden dat het college van burgemeester en schepenen vasthoudt aan de beslissing om geen woonuitbreidingsgebieden aan te snijden. Er zijn echter tal van onbekende gegevens. Wat zal bijvoorbeeld het lot zijn van de 546 zonevreemde woningen op het grondgebied van Groot-Ninove? Gaat men er vanuit dat deze allemaal hun woonfunctie zullen behouden, wat ik overigens durf te hopen? Is de woningbehoeftestudie waarop men zich baseert nog wel actueel? Deze studie is inmiddels meer dan 5 jaar oud en ging uit van de veronderstelling dat het bouwritme niet zou versnellen. Alles wijst erop dat dat wel het geval is. Uit cijfers van de Vlaamse Confederatie Bouw blijkt dat er tussen 1992 en 2007 525.000 nieuwe woningen zullen gebouwd zijn, een derde meer dan de 393.000 nieuwe woningen voorzien in het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen. In de provincie Oost-Vlaanderen werden de vooropgestelde prognoses eind 2004 reeds overschreden. Er werd in de prognoses onder meer geen rekening gehouden met de inwijking van buitenlanders. Door de foutieve inschatting in het RSV is het aanbod aan bouwgronden beperkt. Ook in de buitengemeenten van Ninove zijn prijzen van 4.500 frank/ m² geen uitzondering meer. Ik heb al verwezen naar het nog altijd onzekere lot van de zonevreemde woningen. Ik vraag mij bovendien af of men in de voorlopige versie van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan geen overspannen verwachtingen koestert met betrekking tot de herwaardering van leegstaande panden. Men gaat ervan uit dat de overtollige leegstand kan worden ingezet bij het opvangen van de vraag naar direct beschikbare woningen. Er bestaat echter in Ninove geen actief beleid op dat vlak, hoewel dat werd vooropgesteld in de beleidsplan dat het schepencollege in het begin van deze legislatuur presenteerde. Is het bovendien realistisch ervan uit te gaan dat binnen de tien jaar 30% van de kavels in woongebied op de markt zullen komen?
Allemaal vragen waarop het antwoord onzeker is. Het zou dan ook aanbeveling verdienen het principe van het niet aansnijden van woonuitbreidingsgebieden te heroverwegen en de veronderstellingen in de woonbehoeftestudie uit 2000 te evalueren.
Naar aanleiding van deze opmerkingen werd de bewuste passage uit de toelichting bij het besluit geschrapt.
Werner Somers
Gemeenteraadslid
Categorie: